Plaza de España Sevilla: geschiedenis, tegels en tips

Door Mandy JanssenBijgewerkt 27 oktober 20265 min lezen
Roeibootjes op het kanaal voor het halfronde gebouw van de Plaza de España in Sevilla

De Plaza de España in Sevilla is een halfrond plein van ongeveer 50.000 m² aan de rand van het Parque de María Luisa. Het werd tussen 1914 en 1929 gebouwd voor de Ibero-Amerikaanse Tentoonstelling van 1929, naar een ontwerp van architect Aníbal González. Het plein is gratis toegankelijk en ligt op loopafstand van het oude centrum.

De geschiedenis van de Plaza de España

Sevilla organiseerde in 1929 de Ibero-Amerikaanse Tentoonstelling, een wereldtentoonstelling voor Spanje, Portugal en de landen in Amerika waarmee zij een band hadden. De Plaza de España werd het grootste gebouw van die tentoonstelling. Het ontwerp van Aníbal González werd in 1911 gekozen uit meerdere voorstellen. De bouw begon in 1914.

Het werk liep vertraging op, onder meer door stakingen en duurdere materialen. Door bezuinigingen trad Aníbal González in 1926 af als hoofdarchitect van de tentoonstelling. Pedro Sánchez Núñez en daarna Vicente Traver maakten het plein af. Koning Alfonso XIII opende de tentoonstelling in mei 1929. Op het hoogtepunt werkten er zo’n duizend mensen tegelijk aan het plein.

Wat betekent de vorm?

De halfronde vorm staat voor de omarming tussen Spanje en zijn vroegere koloniën in Amerika. Het gebouw kijkt bovendien richting de Guadalquivir, de rivier waarlangs de schepen naar Amerika vertrokken. De stijl heet regionalisme: een mix van Spaanse bouwstijlen zoals neomudéjar en renaissance, met veel baksteen en geglazuurde tegels.

Wat zit er nu in het gebouw?

Na de tentoonstelling was het plan om er een school voor arbeiders in te vestigen. Uiteindelijk kwamen er overheidsdiensten in, zoals de vertegenwoordiging van de Spaanse regering in Andalusië. Daarom kun je het gebouw van binnen grotendeels niet bezoeken. De galerijen en het plein zelf zijn wel open.

Waarom de Plaza de España zo bijzonder is

Het gebouw volgt een grote boog, met aan beide uiteinden een hoge toren. Langs de voet loopt een kanaal met vier bruggetjes. In het midden staat een fontein, die Vicente Traver later toevoegde. Overal zie je baksteen, marmer en de bekende azulejos, de beschilderde tegels waar Sevilla om bekendstaat. Loop zeker ook de galerijen op: daar zie je de tegelplafonds en de lantaarns van dichtbij.

De 48 tegelbankjes met de Spaanse provincies

Langs de muur van de Plaza de España staan 48 tegelbankjes in de vorm van een nis. Elk bankje hoort bij een Spaanse provincie, in alfabetische volgorde. Je ziet een kaart van de provincie op de grond, een tafereel uit de geschiedenis op de muur en het wapen van de hoofdstad. Veel Spaanse bezoekers zoeken hun eigen provincie op voor een foto.

Er zijn een paar uitzonderingen die leuk zijn om te weten:

  • Sevilla heeft geen eigen bankje. De gastprovincie is te zien op tegelpanelen aan het begin en eind van elk van de vier rijen bankjes, met onder meer de Semana Santa en de Feria.
  • De Canarische Eilanden hebben één bankje. Ze werden pas in 1927 in twee provincies gesplitst, toen het ontwerp al vastlag.
  • Boven de bankjes zie je medaillons met bekende Spanjaarden uit de geschiedenis, zoals de schilder Velázquez.

Neem er de tijd voor. De details in de tegels zijn het mooiste deel van het plein.

Bootje varen op het kanaal

Op het kanaal kun je een roeibootje huren. Het is een rustige manier om het plein van onderaf te zien. Er staan vaak rijen, vooral in het weekend en in de middag. Wandel je liever, loop dan over de bruggetjes en door de galerijen op de verdieping. Daar heb je het mooiste uitzicht over het hele halfrond.

Bekend van film

De Plaza de España was een filmlocatie voor onder meer Lawrence of Arabia (1962) en Star Wars: Episode II, Attack of the Clones (2002). In Star Wars speelt het plein een rol op de planeet Naboo. Daarom komt het je misschien bekend voor.

Tips voor je bezoek

  • Kom vroeg of laat. Midden op de dag is het in de zomer heet en druk. Het zachte licht in de vroege ochtend en rond zonsondergang is het mooist voor foto’s.
  • Combineer het met het park. Het Parque de María Luisa ligt er direct naast en heeft schaduw, vijvers en fonteinen.
  • Loop vanuit het centrum. Vanaf de kathedraal en het Alcázar ben je er in ongeveer twintig minuten te voet.
  • Let op straatverkopers. Op het plein bieden mensen soms rozemarijntakjes of waaiers aan. Je hoeft niets aan te nemen.
  • Kijk naar flamenco. Onder de galerijen treden vaak straatartiesten op. Een kleine fooi wordt gewaardeerd.

Wanneer je het beste gaat, de route vanuit het centrum en hoe je het plein combineert met het Parque de María Luisa, lees je in onze gids Plaza de España Sevilla bezoeken.

Hoe kom je bij de Plaza de España?

Het plein ligt aan de zuidkant van het centrum, naast het Parque de María Luisa. Te voet is de makkelijkste manier. Je kunt ook de tram naar het Prado de San Sebastián nemen of met de metro naar de halte Prado de San Sebastián gaan. Van daar is het een korte wandeling.

Plan je meer? Bekijk onze tips voor een stedentrip Sevilla, de 25 bezienswaardigheden van Sevilla en hoe je tickets voor het Alcázar regelt.

Veelgestelde vragen

Kost de Plaza de España entree?

Nee. Het plein en het Parque de María Luisa zijn gratis toegankelijk. Alleen voor een roeibootje betaal je.

Wanneer is de Plaza de España gebouwd?

Tussen 1914 en 1929, voor de Ibero-Amerikaanse Tentoonstelling van 1929, naar een ontwerp van Aníbal González.

Hoeveel bankjes heeft de Plaza de España?

Er zijn 48 tegelbankjes, één per provincie. Sevilla zelf heeft geen bankje maar wordt op aparte tegelpanelen getoond.

Hoeveel tijd heb je nodig?

Reken op een uur voor het plein. Wil je ook varen en door het park wandelen, trek dan twee tot drie uur uit.

Bronnen

Geraadpleegd op 25 oktober 2026.

TicketsHotels